woensdag 2 april 2008

Westzuidwest van Ameland

Westzuidwest door Drijfhout van Vlieland



Refrein
Hoog, hoog, hoog ja hoog

De ballast die is droog
Maar onder op de grond
I
s hij zo nat als strond

Westzuidwest van Ameland
Daar ligt een kolkje diep
Daar vangt men schol en schellevis
Maar mooie meisjes niet

Hoog is de zolder
Laag is de vloer
Mooi is het meisje
Maar lelijk is d'r moer

Toen 'k laatst van Suriname kwam
Zag ik van ver een schip
Ik dacht dat 't aan de wolken hing
Maar het zat op een klip

En op die klip een koe
Een wonderbare koe
Die alle dagen kalven moest
Ze was er raar aan toe

Het was een vruchtbaar jaar
Het was een vruchtbaar jaar
Dat alle vrouwen kraamden
En ik de vader waar


Ameland Waddendiamant

Kent gij het eiland Ameland
Het is een waddendiamant
Het biedt u strand en bos en duin
't Is een wonderschone tuin
la, la, la
la, la, la, la, la, la, la, la
la, la, la, la, la, la
la, la, la, la, la, la, la, la
't Is een wonderschone tuin

De dorpjes liggen stil te kijk
Bouwblokjes tussen duin en dijk
Er is geen jacht'ge haast of dril
De eeuwen staan hier even stil
refrein: la, la, la enz.
De eeuwen staan hier even stil

Houdt ge van rust en stille vree
Ons oude eiland deelt z'u mee
Zonder een krant en radio praat
Zijt gij hier in Eutopia staat
refrein: la, la, la enz.
Zijt gij hier in Eutopia staat

Ons ideale oord

(Op de wijs van het lied van de IJssel)

Waar eeuwenlang de straten naamloos waren
tot groot verdriet der burgerlijke stand
Wij nu al jaar op Lap- en Katstraat staren
Daar ligt ons onvolprezen Ameland

Waar burenplicht in ere wordt gehouden
Het Hollums licht doorboort de duist're nacht
Nog wordt gejut bij hitte en bij koude
ligt Ameland daar ben ik groot gebracht

De badgast komt er uit verre streken
De Duitser toeft er op de Engelsman
Waar Blieke en het Kooiplak van zich spreken
Daar ligt mijn land dat'k nooi vergeten kan

De reddingboot getrokken door de paarden
rijdt na alarm op strand de branding aan
De Blinkert is mijn schoonste plek op aarde
Daar ben ik thuis, daar heeft mijn wieg gestaan

Waar paard en koe zich jaarlijks laten keuren
Sint Nicolaas de vrouwen niet bekoort
Daar vind ik steeds wat er ook mag gebeuren
Mijn Ameland, mij ideale oord.

Dit is ons eiland


(op de wijs van Daar bij die molen)

Een eiland aan de Waddenzee
Dat is ons Ameland
En op het land met zwartbont vee
Omringd door duin en strand
Als het aanstonds weer winter wordt
Ligt Ameland in rust
De dagen worden dan weer kort
Hier aan de waddenkust.

Dat is ons eiland, dat is ons eiland
Dat is ons eiland hier aan de Waddenzee.
Dat is ons eiland, dat is ons eiland
Dat is ons eiland hier aan de Waddenzee.

Komt dan de lente weer in't land

En weer de leeuwerik zingt
En schijnt de zon weer op het strand
De bloemknop open springt
Trekt Ameland het feestkleed aan
Als de natuur ontwaakt
De bloemen dan weer bloeien gaan
En alles bloeiend maakt.

Dat is ons eiland, dat is ons eiland
Dat is ons eiland hier aan de Waddenzee.
Dat is ons eiland, dat is ons eiland
Dat is ons eiland hier aan de Waddenzee.

En als het dan weer zomer wordt

Dan vaart men op het wad
De nachten worden dan weer kort
met mensen uit de stad
Men komt dan uit het buitenland
En overal vandaan
Zo varen zij naar Ameland
Die met vakantie gaan.

Dat is ons eiland, dat is ons eiland
Dat is ons eiland hier aan de Waddenzee.
Dat is ons eiland, dat is ons eiland
Dat is ons eiland hier aan de Waddenzee.

Komt dan de herfst weer in het land
De zomer is voorbij
Dan keert de rust op Ameland
Voor u en ook voor mij
Dan ligt ons eiland in de rust
En op het stille strand
Daar raast de zee weer aan de kust
Van ons mooie Ameland.

Dat is ons eiland, dat is ons eiland
Dat is ons eiland hier aan de Waddenzee.
Dat is ons eiland, dat is ons eiland
Dat is ons eiland hier aan de Waddenzee.

Amelands duinen


(Wijze : bergen gaan wij beklimmen)

Amelands duinen beklimmen
Hoog naar de blinkert top
Kijken naar de helmen
Met hun wuivende kop
Gebogen vanwaar de stormwind komt
Achter de blinkert waar de noordzee bromt
Wat is de wereld wijd (2 x )

Tegen wind gebogen je rug
't hoofd in de wind gericht
Za-and wind en wa-ater
Striemen in 't gezicht
De duinen zijn groots de natuur heeft zijn kracht
De mens is daarin heel nietig zonder macht
Wat is de wereld wijd (2 x )

Schuimende golven ontspri-ingen
Op het witte strand
Hoor ze bruisen en zingen
Woelen door het zand
De vloed gekomen brengt van alles mee
't kolkende water dat is de noordzee
Wat is de wereld wijd (2 x )

't springtij voorbij de wind is gaan liggen
De natuur is we-er in rust
Ook geen beukende golven
Meer langs amelands kust
De blinkert is statig de hoogste duin
Glanzende helmen prijken op de kruin
Wat is de wereld wijd (2 x )

Vogels haas konijn en muis
Reeen en fazant
Engelmanduun langs blinkert en oerd
Dat is ook ameland
Wij blijven u toch respecteren
Genieten op die duinen alle keren
Wat is de wereld wijd ( 2 x )

Op het goudgele strand van Ameland

Videofragment van de plaatopname 'Op het goudgele strand van Ameland' met Johnnie en Rijk, 1958 uit : eenlevenlangtheater.nl

Op het goudgele strand van ameland
Op het goudgele strand van Ameland,
tu-buu-buu-buu-buu-buu,
vloog jouw mooi rieten rokje in de brand,
tu-buu-buu-buu-buu-buu.
Ik dacht dat mijn hart het in vlam had gezet,
maar 't kwam door de peuk van een cigaret.
Op het goudgele strand van Ameland,
tu-buu-buu-buu-buu-buu.

Je opa die komt uit het mooie Hawaii.
Je opoe uit Purmerend.
Je ogen zijn bruin als een reep chocolaii
en bruisend van temperament.

Op het goudgele strand van Ameland,
tu-buu-buu-buu-buu-buu,
vloog jouw mooi rieten rokje in de brand,
tu-buu-buu-buu-buu-buu.
Ik dacht dat mijn hart het in vlam had gezet,
maar 't kwam door de peuk van een cigaret.
Op het goudgele strand van Ameland,
tu-buu-buu-buu-buu-buu.

Op het goudgele strand van Ameland,
tu-buu-buu-buu-buu-buu,
vloog jouw mooi rieten rokje in de brand,
tu-buu-buu-buu-buu-buu.
Ik dacht dat mijn hart het in vlam had gezet,
maar 't kwam door de peuk van een cigaret.
Op het goudgele strand van Ameland,
tu-buu-buu-buu-buu-buu.

Johnnie en Rijk

Amelander Volkslied


Amelander Volkslied
Opgeweld uit wier en zand
Gans omspoeld door zilte baren
Moge God het steeds bewaren
Het plekje rijk aan duin en strand
Het ons zo lieve Ameland
Het plekje rijk aan duin en strand
Het ons zo lieve Ameland

Sedert eeuwen hield het stand
Zelfs bij't woeden van de golven
Schoon er dierbaars ligt bedolven
Bij't golfgeruis weergalmt het strand
''U heb ik lief, oud-Ameland''

'k Heb u lief o stoere kwant
Met uw zeemansbloed in d'adren
Met het heldenmoed der vad'ren
Als g' in de nood de riem omspant
Dan heeft u lief heel Nederland

Eenvoud, kuisheid en verstand
Sierden t' allen tijd de vrouwen
Die ons eiland gaf t'aanschouwen
Blijf zo het sieraad van ons land
O meisjelief van Ameland

Vrienden, waar g' ooit zwerft te land
Of op d' ongewisse baren
Laat der vad'ren deugd niet varen
't Weerklinke luid op oude trant
''wij hebben lief ons Ameland."

dinsdag 11 maart 2008

Ameland

Op het eiland ameland midden in de nacht
Is een heel groot schip gestrand met een vreemde vracht
Zesendertig papegaaien en een olifant
Zijn nu druk aan 't pootje baaien
En op het stille strand en de papegaaien praten
Zeggen no en yes
Lopen 's avonds door de straten van het dorpje Nes

't hele eiland is van streek niemand komt op 't strand
't vreemde feest duurt al een week en de olifant
Zet nu alle papegaaien en net of het zo hoort
In een drietal reuze zwaaien met z'n slurf aan boord
Vloed komt op geen tijd verliezen
Smal wordt nu het strand
't schip kan nu weer zee gaan kiezen dag mooi Ameland

Op het eiland Ameland heerst nu weer de rust
Golfjes kab'len aan het strand zingen langs de kust
Maar als straks de wind gaat waaien door het dorpje Nes
Hoor je weer de papegaaien met hun no en yes
Hoor je weer de zware stappen op het stille strand
't is een van de laatste grappen van de olifant.

donderdag 6 maart 2008

De Walvisvaarder van Ameland

van Jonas en de Harpoentjes, ter ere van de opening van De Walvisvaarder van Ameland, februari 2008


In de Walvisvaarder van Ameland
Krijgt ieder een zoen of een warme hand
Een lied en een lach, aan de bar zij aan zij
en vrolijke noot, zet je zorgen opzij
In de Walvisvaarder van Ameland
Gaan bier en gezelligheid hand in hand
Dus smeer nu de kelen en zing met me mee
Het leukste café staat in Hollum aan zee

Woeste zeeën, stalen kerels,
Schepen nog van hout
In hun knuisten de harpoen
Op jacht naar walvisgoud
Spek, baleinen, levertraan
Brachten zijn aan land
Hidde Kat die werd hierdoor
De held van Ameland

In de Walvisvaarder van Ameland
Krijgt ieder een zoen of een warme hand
Een lied en een lach, aan de bar zij aan zij
Een vrolijke noot, zet je zorgen opzij
In de Walvisvaarder van Ameland
Gaan bier en gezelligheid hand in hand
Dus smeer nu de kelen en zing met me mee
Het leukste café staat in Hollum aan zee

De walvisjacht is nu over, het is passé
De helden vind je nu in dit café

In de Walvisvaarder van Ameland
Krijgt ieder een zoen of een warme hand
Een lied en een lach, aan de bar zij aan zij
Een vrolijke noot, zet je zorgen opzij
In de Walvisvaarder van Ameland
Gaan bier en gezelligheid hand in hand
Dus smeer nu de kelen en zing met me mee
Het leukste café staat in Hollum aan zee


woensdag 13 februari 2008

De Vondeling van Ameland

Video van Boudewijn de Groot die De Vondeling van Ameland zingt

Op het strand van Ameland was hij als zuigeling aangespoeld
Overboord gegooid, op een reddingsboei gebonden
Hij had zich op de golven als in de baarmoeder gevoeld
En schreeuwde tot hij door een jutter werd gevonden

Ameland sprak schande van de jutter
Een zonderling die leefde van de wind
Die al de raarste dingen had gevonden
Hoe kwam die jutter nu weer aan dat kind

Als hij er daags op uitging om te jutten
Moest de vondeling altijd met hem mee
En toen die na een jaar begon te praten
Was zijn eerste woordje: zee

Op het strand van Ameland speelde de kleuter jarenlang
De jutter was zijn meester die hem wijze lessen leerde
Hij stond wijdbeens in het zand, was voor de woeste zee niet bang
En schreeuwde net zo lang tot de vloed zich keerde

Ameland sprak schande van de kleuter
De vondeling die schreeuwde als de wind
Hoe was het in vredesnaam toch mogelijk
Dat de zee zich terugtrok voor een kind

Wat hij riep zou niemand kunnen zeggen
Dat was uit de verte moeilijk te verstaan
En toen ze het de jutter vroegen zei die:
Volgens mij roept hij: ik kom eraan

Ik kom eraan, ik kom eraan
Zee, wind, zon, oceaan
Ik kom eraan

Op het strand van Ameland stond hij als knaap in de avondzon
Hij zei geen woord, begon zich langzaam uit te kleden
De vloed kwam hem tegemoet, hij zag alleen de horizon
Nog eenmaal draaide hij zich om, liep toen de zee in

Ameland sprak schande van de jongen
Die naakte zonderlinge vondeling
Men had zich boven op het duin verzameld
Omdat men voelde dat er iets gebeuren ging

En toen begon hij plotseling te schreeuwen
Zo hard dat het tot aan de duinen klonk
Nog even zag men hem op het water lopen
Voor hij in de diepte zakte en verdronk

Ik kom eraan, ik kom eraan
Zee, wind, zon, oceaan
Ik kom eraan


dinsdag 15 januari 2008

Het vuuurtorenlied

tekst en muziek: Sander Metz

Het vuurtorenlied door Sander Metz

Kijk daar zie ik een vuurtoren staan
Ik kijk naar boven het licht staat niet aan.
Het licht gaat pas branden en wel bij nacht
Een reuzenzaklamp dat is pracht

Aan uit aan uit aan uit aan
Knipper de knipper het vuurtorenlicht
Aan uit aan uit aan uit aan
Knipper de knipper het vuurtorenlicht

Ik zie het bos de duinen het strand
Wat is het toch prachtig op mijn ameland
De rood witte vuurtoren wat is hij hoog
Net zo hoog als een regenboog

Het licht van de vurtoren gaat uit en aan
Wanneer het nacht wordt en wij slapen gaan
De vuurtorenwachter kijkt heel tevree
Met zijn kijker kijkt hij over zee

maandag 14 januari 2008

Drowned Horses of Ameland

The wind blew high above the dunes
And the wild,white breakers roared
The cry went up a German yacht
It,s stranded near the shore
The lifeboat must be launched at once
They need us desperatelay

Refrein:Part of the heard of Ameland
Went galopping to the sea
Part of the heard of Ameland
Went galopping to the sea

The harness creaked when the wistle blow
As the trailer rubled on
The lifeboat must be launched in haste
Or else the yacht is gone
From the farms of Ameland
The farmers brought their steeds

The shining sun of Ameland
Is beautiful to see
But round the island all the sand
Is moving ceaselessly
It piles up to create the shoals
And open up the deeps

The breakers came high to the beach
As the gale tore at the shore
The lifeboat and the team flinched not
As so the sea they bore
The boat was launched for rescue
And went succesfully

The heavy trailer found the hole
And took the horses down
The harness held them in the sea
And so the horses drowned
The men work hard but had no chance
To cut the animals free

People now remember that night
That night of seventy-nine
When the lifeboat team from
AmelandLaunched for theyr final time
On the islands winds their manes are blown
But they're now running free

De paarden van Ameland

De wind woei hard, al over het duin,
brekers brulden naar hartelust.
Ineens de kreet: “Een jacht gestrand,
het ligt vlak onder de kust.
”De reddingsboot moet snel er uit
de stoere mannen mee.

Refrein: Het reddingspaard van Ameland galoppeert snel naar de zee (2x)

Het tuig kraakt luid als ’t fluitje gaat
en de trailer komt op gang
De reddingsboot moet snel er uit
anders gaat het jacht er aan.
En menig bo
er van Ameland
kwam snel, z’n paarden mee.

Refrein:

Als ’t zonnetje schijnt op Ameland
lijkt er niets mee aan de hand.
Maar rond het eiland in de zee
zit de onrust in het zand
Het hoopt op tot een zandbank hier
en daar een mui, o wee.

Refrein:

De brekers kwamen hoog op ’t strand
en de storm die geselt de kust.
De mannen en hun paarden wijken niet
en ze gaan, ze zijn ongerust.
Die mannen doen hun reddend werk
en and’ren leven mee.

Refrein:

De zware trailer vond de mui,
en trok de paarden
neer.
Het tuig dat hield ze in de zee
Ze verdronken, waren niet meer!
De mannen hadden echt geen kans
en sneden paarden los.

Refrein:

In negenenzeventig is het geweest,
ieder weet het nog zo goed.
De reddingsploeg van Ameland,
voor het laatst z’n heldenwerk doet.
De manen waaien in de wind,
ze zijn nu vrij van vrees.


Refrein: